Bruno Walpoth eert de kwetsbare mens

Bruno Walpoth eert de kwetsbare mens, in elkaar gedoken, in zichzelf gekeerd, afgesloten voor de buitenwereld. Door zijn beelden te beschilderen met witte primer, ogen de menshoge beelden ook als schimmen van zichzelf. Deze kenmerken maken van Walpoth een van de bekendste representanten van de hedendaagse houtsnijders uit Val Gardena.

Bruno Walpoth eert de kwetsbare mens, zoals een naakte vrouw die afwerend de handen voor haar borsten houdt.

Bruno Walpoth werd in 1959 in Bressanone (Brixen) geboren en groeide op in een familie van houtsnijders. Als kind kwam hij al in de ateliers van zijn opa en zijn oom— beiden meester‑ambachtslieden in religieuze beeldhouwkunst. 

Een eigentijds handschrift

In 1973 begon Walpoth zijn eerste formele opleiding bij de lokale meester-houtsnijder Vincenzo Mussner in Ortisei. Hij werkte bij hem vijf jaar intensief aan zijn technische basisvaardigheden. Daarna vervolgde hij zijn opleiding aan de Academie van Beeldende Kunsten in München, waar hij van 1978 tot 1984 studeerde onder professor Hans Ladner. In deze periode verbreedde hij zijn sculpturale taal en ontwikkelde een eigen – en eigentijds- handschrift. Eerst abstract, om daarna terug te keren naar het figuratieve.

Deze combinatie van traditionele meester-leerling‑training in Val Gardena en academische kunstopleiding is kenmerkend voor zijn werk – en dat van zijn generatiegenoten uit Zuid-Tirol. De ambachtelijke discipline van het houtsnijden vormt de basis, maar de conceptuele horizon is helemaal die van vandaag. Het figuratieve model wordt niet losgelaten, maar naar de wereld en het denken van de 21ste eeuw verplaatst.  

Even hoog als een echt mens

Walpoth maakt vooral menshoge figuren uit houtstammen (vooral linde). Bijzonder is dat hij werkt op een schaal van 1:1. Zijn beelden zijn even hoog als de toeschouwers. Ze staan oog in oog met elkaar – als de beelden niet liggend zijn. 

Het is niet het enige verschil. Anders dan de beelden van Walpoth zijn bezoekers van een expositie extrovert, naar buiten gericht. Ze willen om zich heen kijken, alles in zich opnemen. De figuren van Walpoth daarentegen poseren — vaak rigide en verstild — met een blik die zelfs niet direct de toeschouwer ontmoet. Het beeld is ergens anders met zijn (of haar) gedachten, duidelijk in zichzelf gekeerd. Soms zelfs afwerend in elkaar gedoken, als een foetus in het lichaam van een volwassene.

Het Is niet een klassieke houding, waarbij bestaande beelden als voorbeeld kunnen dienen. Walpoth nodigt dan ook modellen uit in zijn studio, die naakt voor hem poseren. Zelfs zijn eigen zoon stond model voor een beeld. Walpoth observeert hun expressies nauwgezet voordat hij hakt.

Bruno Walpoth werkt met rasp aan mannelijk naakt, ook weer in kwetsbare houding die aan een foetus doet denken.

Die sfeer van stilte en innerlijke reflectie is bewust gekozen. Walpoth wil de toeschouwer niet leiden naar een verhaal, maar uitnodigen tot contemplatie. Het lichaam van zijn sculpturen is geen medium voor actie, maar een zelfstandige drager van gevoel en aanwezigheid. 

Hoewel hij uit een traditionele omgeving komt, bewerkt Walpoth het hout op een eigen manier. Nog voor het beeld afgewerkt is, beschildert hij het hout met witte primer — ik denk op waterbasis. Hij raspt en snijdt daarna weer verder, waarmee hij textuur, nerf en vorm van het hout benadrukt.

Anders dan in vroeger tijden, toen verf het hout van heiligenbeelden ‘verstopte’, weet Walpoth op deze manier juist de materiële sensualiteit van zijn kwetsbare mannen en vrouwen te versterken. Het hout krijgt een eigen verhaal: zijn kwetsbare mensen lijken slechts half aanwezig, alsof ze zich in een ‘tussenruimte’ bevinden. Dat is toch een heel ander gevoel dan wat sommige critici opmerken, die zijn figuren als ‘melancholisch’ typeren.

Littekens op de huid

Ik ben erg gecharmeerd van de littekens die een rasp op de huid achterlaat. Voor de hand ligt het niet: zo’n reeks evenwijdige krassen op een arm, of zelfs in het gezicht. Het effect is minder nadrukkelijk dan tattoos, maar wel stoffelijker. Ik moet bekennen dat ik onbewust zijn werkwijze, die ik jaren geleden op video’s op YouTube zag, voor een deel mezelf eigen heb gemaakt. Wat me bij Walpoth blijkbaar zo heeft geraakt, is de manier waarop een eenvoudige kras van de rasp emoties kan oproepen — een nuance die je pas voelt als je er echt naar kijkt.

Bruno Walpoth brengt op het beeld een laag white primer aan, voordat hij verder afwerkt.

Ik hou meer van een ruw geschaafd oppervlak dan van perfect gladgeschuurd hout. Ook geef ik eerder de voorkeur aan een kleurloze parketlak, die het beeld toch iets witter maakt, dan een olie die het hout dieper en donkerder van toon kleurt. Zeker op lindehout, dat van zichzelf weinig karakter en tekening heeft, is dat een vondst. Nu ik deze filmpjes weer eens terugzie, moet ik Walpoth alsnog bedanken voor de inspiratie voor mijn eigen zoektocht.

Jan Bom, 17 januari 2026