Lucca zet oudste houten Jezus achter traliehekwerk

Lucca zet oudste houten Jezus achter traliehekwerk, onbereikbaar voor bezoekers. De tralies maken het onmogelijk om dit unieke beeld Volto Santo uit het jaar 860 compleet te fotograferen. Irritant. Bovendien klopt de claim niet dat de beroemde crucifix het oudste houten beeld uit Europa zou zijn. Het ‘Mannetje van Willemstad’ uit Nederland is duizenden jaren ouder.

Lucca zet oudste houten Jezus achter traliehekwerk, dicht Middeleeuws aandoend smeedwerk.

Jammer, die irritaties. Het verpestte voor mij toch een beetje het bezoek aan de fraaie kathedraal van San Martino in Lucca. Hij is verstopt: een van de beroemdste houten beelden van Europa: de Volto Santo, het Heilige Gelaat. 

Het monumentale kruisbeeld is bijna levensgroot en toont Christus niet als de lijdende man aan het kruis. Hij is hier een vorstelijke, rechtopstaande figuur. Zijn ogen zijn wijd geopend, zijn gezicht is streng en zijn lichaam is gehuld in een lang gewaad. Zijn ogen van glaspasta – pasta vitrea- staren je aan. Helder en glanzend. 

Achtste of negende eeuw

Eeuwenlang werd aangenomen dat het beeld uit de twaalfde of dertiende eeuw stamde. In 2020 veranderde dat beeld ingrijpend. Onderzoek met koolstof-14 dateerde het hout van het kruisbeeld tussen het einde van de achtste en het einde van de negende eeuw. 

Recent dendrochronologisch onderzoek van het houten kruis zelf kwam uit op ongeveer 860. Daarmee werd de Volto Santo plotseling een van de oudste bewaard gebleven houten sculpturen van West-Europa.

Dicht traliehekwerk ontneemt toeristen het zicht op deze historische houten crucifix.

De kathedraal van San Martino heeft dit aangegrepen voor een Amerikaans aandoende marketing. De claim in folders in de kerk is dat de Volto Santo ‘het oudste houten beeld van Europa’ zou zijn. Dat klopt gewoon niet. 

Neem ‘Het Mannetje van Willemstad’ uit Nederland. Dit kleine eikenhouten beeldje is niet meer dan 12,5 centimeter hoog, maar werd al rond 5400 voor Christus gesneden. Het is bijna 7500 jaar oud en daarmee ruim zesduizend jaar ouder dan de Volto Santo. Het werd in 1966 gevonden bij de aanleg van de Volkeraksluizen, diep onder de grond, waar het dankzij het natte milieu uitzonderlijk goed bewaard was gebleven.

Mannetje van Willemstad eeuwen ouder

En ‘Het Mannetje’ is niet eens het oudste houten beeld. In het Russische deel van de Oeral werd het zogenaamde Shigir Idol-beeld gevonden, een monumentale houten ‘wegwijzer’ die rond 9600 voor Christus wordt gedateerd. Wetenschappelijk onderzoek beschouwt dit als de oudste bekende monumentale houten sculptuur ter wereld. 

Nu wordt Rusland niet tot Europa gerekend, zeker vandaag de dag niet, maar alla.

De geschiedenis van houten sculpturen begint dus bepaald niet bij het begin van onze jaartelling.

De renovatie maakte de Volto Santo weer als nieuw, misschien wel iets te nieuw zelfs.

Wat maakt de Volto Santo dan toch nog steeds bijzonder? Het is natuurlijk wel een uitzonderlijk oud houten kruisbeeld dat uit de vroege middeleeuwen is overgeleverd. Heel wat latere beelden zijn vergaan, aangetast door houtworm of klimaat. 

Bovendien heeft juist deze Christusfiguur een enorme invloed gehad op de Europese beeldhouwkunst. De ongebruikelijke voorstelling van Jezus in een lang gewaad werd in heel Europa nagevolgd. Het beeld werd bovendien een belangrijke tussenstop aan de pelgrimsroute Via Francigena. Het groeide zo uit tot het religieuze symbool van de Italiaanse stad Lucca.

Nog steeds zitten mensen stil in aanbidding voor het beeld in de kathedraal. Ik krijg een berisping van gelovige kerkgangers omdat ik mijn zomerhoed nog op heb. Buiten zindert de zon op 38 graden Celsius.

Afkomstig uit Jeruzalem

Ook de herkomst van deze crucifix blijft fascinerend. Volgens een middeleeuwse legende werd het kruisbeeld door Nicodemus gemaakt. Hij is de man die volgens het Nieuwe Testament betrokken was bij de begrafenis van Christus. Het beeld zou vervolgens in Jeruzalem verborgen zijn geweest en in 782 op wonderbaarlijke wijze naar Italië zijn gekomen.

Waar of niet waar, er zijn goede aanwijzingen voor een oosterse achtergrond. De voorstelling van Christus als geklede, koninklijke en priesterlijke figuur sluit aan bij een Syrisch-Palestijnse traditie. Maar dat betekent niet dat de Volto Santo aantoonbaar in Syrië werd gemaakt. 

Cederhout en notenhout

Onderzoek aan het houten kruis wees uit dat de horizontale balk van cederhout is. Ceder werd volgens de onderzoekers pas in de 16de eeuw in Europa aangeplant; het hout moet dus uit het Midden-Oosten zijn gekomen. De onderzoekers denken ook dat dit mogelijk bewust gebeurde vanwege de associatie met het Heilige Land. Maar dat bewijst dus nog steeds niet dat het beeld zelf uit Syrië afkomstig is. Het hout kan zijn geïmporteerd.

De recente restauratie heeft aangetoond dat het beeld zelf van één enorme stam notenhout is gemaakt. Ook ontdekten restaurateurs dat er al oudere opeenvolgende reparaties waren uitgevoerd. Zo zijn delen van de voeten in het verleden vernieuwd, waarschijnlijk als gevolg van slijtage door de verering. Vroeger zijn ook vingers vervangen: kwetsbare onderdelen van houten beelden, omdat ze zo dun zijn. Een enkele houtworm kan al fataal zijn.

Door de restauratie ziet Christus er weer als nieuw uit. Ik vond het persoonlijk een beetje te nieuw. Het gevoel van het eeuwenoude verleden is erdoor verdwenen. 

Houd het licht aan

Jammer. Want het is wel heel mooi dat de restauratoren onder een donkere, met pigment vermengde waslaag én een zwarte overschildering van het gewaad een bijzondere ontdekking deden. Onder al die lagen bleek het gewaad oorspronkelijk lapis lazuli-blauw te zijn geweest. Dat was in de oudheid een kostbaar pigment, want de edelsteen moest helemaal uit Afganistan worden gehaald.

Wil je dat kleed zien, dan moet je wel heel erg goed door het dichte hekwerk heen kijken. Zo te zien is de zwarte overschildering toch blijven zitten, maar echt goed is het ook weer niet te zien. Ik zou Lucca willen adviseren dit historische beeld niet zo akelig op Middeleeuwse wijze op te sluiten. En ook niet af en toe de verlichting uit te doen.

De ladder in de kathedraal San Martino, achteloos tegen een muur gezet.

Ik zag de Maria Magdalena van Donatello in Florence flonkerend helder in een goed verlichte glazen kast staan, waar ik ruim omheen kon lopen, om het van alle kanten te kunnen bewonderen. Die kans is me bij de Volto Santo ontnomen.

Nu maakte ik in de kerk de mooiste foto van een eindeloos lange houten ladder, die achteloos tegen een kerkmuur stond geparkeerd. Ook een Bijbels symbool. Ik dacht aan de Jacobsladder en de hemelse droom van Jacob. En vergat zomaar waarvoor ik eigenlijk gekomen was. 

Jan Bom, 18 augustus 2026